
Kostenramingen
Globale kostenraming (Ontwerpfase SO)
In de vroege fasen van een project wordt gewerkt met globale ramingen. De STB 2025 stelt dat deze ramingen bedoeld zijn om de bandbreedte van het project te bepalen.
• Kengetallenmethode: Er wordt gerekend met prijzen per eenheid, zoals een prijs per hectare voor natuurontwikkeling of een prijs per m² voor de inrichting van een park.
• Onnauwkeurigheidsmarge: Bij een globale raming hoort in deze fase vaak een marge van 20% tot 30%, omdat de exacte materiaalkeuze (bijv. soort natuursteen of boommaat) nog niet vaststaat.
• Doel: Het toetsen of het ambitieniveau van de opdrachtgever matcht met het beschikbare budget (het 'taakstellend budget').
Elementenraming (Ontwerpfase VO/DO)
De kostencheck is een cruciaal toetsmoment in de STB 2025. Telkens wanneer een ontwerpstap wordt afgerond (van structuurontwerp naar voorontwerp, en van voorontwerp naar definitief ontwerp), moet de adviseur controleren of het ontwerp nog binnen de financiële kaders past.
• Elementenraming: De raming wordt gedetailleerder. Er wordt niet meer per m² totaal gerekend, maar per elementgroep (bijv. grondwerk, waterpartijen, beplanting, meubilair).
• Sturingsinstrument: Als de kostencheck uitwijst dat het ontwerp te duur wordt, dient de adviseur volgens de STB 2025 bezuinigingsvoorstellen of optimalisaties aan te dragen (bijvoorbeeld een soberder plantplan of hergebruik van vrijgekomen materialen).
• Risicoprofiel: Er wordt gekeken naar projectspecifieke risico's, zoals bodemverontreiniging of archeologische beperkingen die de prijs opdrijven.